Rendang Padang zoals Ma dat maakte (en een filmpje hoe ik mijn eigen Arancini Indonesiano maak)

Rendang Padang wordt, heb ik ergens gelezen, als een van de smakelijkste vleesgerechten ter wereld gezien. Er zijn 2 soorten Rendang, de bekende “natte” smeuïge versie en een volledig drooggekookte, tot bijna zwart uitgeslagen, versie. En omdat volgens Wikipedia de natte versie 1 maand en de droge zelfs 3 tot 4 maanden buiten de koelkast houdbaar zou zijn, maakte ik altijd een enorme hoeveelheid (zeker 3,5 kg) in één keer. Die ik dan toch wel voor mijn eigen gevoel,  in porties verdeel en alsnog in de koelkast bewaar en/of invries hahaha.

enorme grote wok met Rendang
Rendang op het vuur, zoals ik dat altijd in mijn 80 cm doorsnee buitenwok maakte toen we nog in de Beemster woonden

Met Rendang kun je eindeloos variëren. Zo maak ik er kroketten van, verwerk het als ragout in bladerdeeg bakjes en beleg er, samen met wat rauwkost af en toe een stokbroodje mee. Maar omdat ik vorige week voor het eerst van mijn leven zo’n geweldige smeuïge Siciliaanse Arancini heb geproefd, kan ik het niet laten mijn eigen Indische twist aan deze populaire Italiaanse gefrituurde Risottobal te geven. Laat ik het voor het gemak Arancini Indonesiano noemen.  Hoe ik dit maak en voor andere geklets zie hier het filmpje.

Het originele recept voor (500 gram) Rendang Padang zoals Ma dat maakte staat hieronder. Gewoon authentiek met warme rijst en atjar of als onderdeel van je rijsttafel. Alle kruiden (en alternatieven) haal je trouwens gewoon in de supermarkt!

 

RENDANG PADANG

Voor de Boemboe (de pasta)
1 grof gesneden grote ui
6 teentjes knoflook
5 eetlepels sambal oelek (milde versie) of 15 tjabe rawits (hete versie)
(tjabe rawit is een kleine versie van de Spaanse peper, goed scherp!)
3 stukjes koenjit (kurkuma) óf 2 theelepels kurkumapoeder
1 stuk (ongeveer 5 cm) verse djahé (gemberwortel)
1 stukje (duimlengte) verse laos (galangawortel)

1  eetlepel ketoembar (gemalen korianderzaad)
1/2 eetlepel djinten (gemalen komijnzaad)
5 hele kruidnagels (of 1 theelepel gemalen kruidnagel)
5 djeroek poeroet blaadjes (of het sap van een halve citroen)

Overige ingrediënten:
500 gr sucadelappen met vetrand
1 stengel sereh (citroengras) sla deze wat plat en leg er een knoop in!
3 blikjes à 400 ml kokosmelk (tip: de blikjes van Go Tan zijn goed romig)
2 blaadjes daon salam (Indisch laurier) of 4 blaadjes laurier
1 kaneelstokje
zout en suiker naar smaak
eventueel extra suiker toevoegen als je het te pittig vindt

Bereiding:

Zorg dat het vlees goed op kamertemperatuur is. Koud of gekoeld vlees wordt gegarandeerd taai. Snijd iedere lap vlees in 3 grote stukken, hierdoor blijft het mals en het zal als het gesudderd heeft makkelijk uit elkaar vallen. Gebruik een vijzel of maal de ingrediënten voor de boemboe in de keukenmachine fijn tot een dikke pasta. Dat laatste is het fijnste om een goede gelijkmatige boemboe, pasta, te krijgen.

Verwarm eerst de kokosmelk in een wok of grote pan met dikke bodem tot het kokosroom is gesmolten,  daarna doe je de boemboe en de overige ingrediënten, behalve het vlees erbij, roer dit goed door en verhit voor ongeveer 7 minuten op een wat hogere temperatuur. Voeg dan het vlees toe die helemaal ondergedompeld moet zijn, draai de temperatuur naar gemiddeld en breng op smaak met wat zout (let op als je sambal oelek hebt gebruikt, deze is vaak al aardig zoutig) en de suiker. Draai als alles gaat pruttelen het vuur zo laag mogelijk en laat de Rendang op een laag pitje minstens 3 uur smoren tot het vlees zacht en smeuïg is en het vocht is ingekookt.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s